https://content-eu-8.content-cms.com/12becebc-ce88-4f3c-844b-fed0588ae8fb/dxdam/e5/e50b02a0-7303-460c-b651-c4156a08f1d3/nordin-de-moor-charlie-and-the-chocolatefactory-news-1440x450.jpg

Musicalacteur Nordin De Moor is Willy Wonka in Charlie and The Chocolatefactory

Gepubliceerd op di 04.10.2022

Op het Theaterplein in Antwerpen ontmoeten we Nordin De Moor, al zeventien jaar een vaste waarde in de Vlaamse musicallandschap. Hij grapt zelfs dat we hem de Johnny Depp van de musicalwereld mogen noemen. Ligt dat aan het feit dat hij vanaf december Willy Wonka vertolkt in ‘Charlie and the Chocolate Factory’?

Welkom in Stadsschouwburg Antwerpen. Binnenkort sta je hier op de planken als Willy Wonka in ‘Charlie and the Chocolate Factory’. Herinner jij je nog de eerste keer dat je hier stond?

Nordin De Moor: “Ik heb gestudeerd aan de Koninklijke Balletschool Antwerpen in hetzelfde gebouw, dus Stadsschouwburg Antwerpen is altijd mijn tweede thuis geweest. Toen ik de cast van ‘Les Misérables’ zag passeren aan de artiesteningang was ik erg onder de indruk. Ik wist meteen wat ik wou doen met mijn leven. De eerste keer dat ik hier op het podium stond, was in 2005 met ‘Dracula’, de tweede professionele musical waaraan ik heb meegewerkt.”

Ongetwijfeld een fantastische ervaring.

“Waanzinnig. Het was een grote productie, maar toch ook minimalistisch. De focus lag des te meer op iedereen die op het podium stond. Hans Peter Janssens speelde de hoofdrol, iemand die het musicalvak ademt en naar een hoger niveau tilt.”

Was het in het begin moeilijk om aan de bak te komen in het musicalwereldje?

“Eigenlijk was ik van plan om na mijn balletopleiding een musicalopleiding te volgen. Maar dat is er nooit van gekomen, omdat mijn carrière meteen van start is gegaan na een paar succesvolle audities. ‘Charlie and the Chocolate Factory’ wordt mijn 36ste musical. Ik ben heel dankbaar voor alle kansen die ik heb gekregen, en ik leer bij elke rol bij.”

Welke eigenschappen heeft een goede musicalacteur nodig volgens jou?

“Het belangrijkste is dat je weet dat je niet alleen op het podium staat. Iedereen is gelijk en werkt hard. Je moet ook veel respect hebben voor alle medewerkers achter de schermen. Want zonder deze mensen sta je nergens.” Naar wie kijk jij het meest op? “Het klinkt cliché, maar ik kijk op naar al mijn collega’s. Als ik kijk naar het buitenland, zeg ik zonder twijfel Ramin Karimloo, in mijn ogen de enige echte ‘Phantom’. Aaron Tveit bewonder ik ook. In België ga ik voor Hans Peter Janssens. Het is deels door hem dat ik in het vak ben gestapt. Ik heb ‘The Phantom of the Opera’ zeven keer gezien. Die productie heeft me weggeblazen en de musicalkoorts bij mij aangewakkerd. Hij is ook een fijn persoon om mee samen te werken.”

Wat trekt jou zo aan in musicals?

“Hoe mensen een verhaal kunnen vertellen met zingen, acteren en dansen, dat vind ik fantastisch. Er zijn personen die daarop neerkijken, die het niet nodig vinden om steeds te zingen. Maar emoties overbrengen via zang, dat vind ik toch wel next level. Al heb ik de indruk dat het publiek meer voor musical openstaat dan vroeger. Er is een gezonde interesse in theater.”

Mede dankzij vernieuwende musicals zoals ‘Charlie and the Chocolate Factory’, die nog nooit eerder in België heeft gespeeld.

“Absoluut, ik vind dat de max. ‘The Sound of Music’ en ‘Annie’ zullen altijd werken, maar het is tijd voor een nieuwe musical. Nieuw en toch ook niet nieuw, want iedereen kent het verhaal van de films of het boek. O, ik kijk er zo hard naar uit!” (Lacht)

Je hebt al in veel musicals gespeeld in je leven, waar droom je nog van?

“Ik ben oprecht gelukkig met waar ik vandaag sta. Maar ik droom nog van ‘The Phantom of the Opera’. Dat is hoe het is begonnen en zou de cirkel rond maken. Maar dat is wishful thinking. (Lacht). Een rol in ‘Les Misérables’ zou ook leuk zijn. Ik hou van klassieke musicals. De muziek moet nog maar beginnen en ik krijg al kippenvel.”

Heb je een van deze musicals al op West End of Broadway gezien?

“Nog geen klassiekers, maar wel ‘Matilda’ en ‘Newsies’, voor mij de nieuwe ‘West Side Story’. En ook ‘Billy Elliot’. Die shows zijn echt mindblowing. Maar ik wil benadrukken dat Vlaanderen niet moet onderdoen. We hebben hier al dingen gemaakt waar Broadway of West End jaloers op zouden zijn, dat weet ik zeker. Ik heb de maquette van ‘Charlie’ al gezien en die ziet er magnifiek uit.”

Is de rol van Willy Wonka op je lijf geschreven?

“Gevaarlijke vraag, want als ik het niet waarmaak, wordt het pijnlijk. (Lacht) Maar ik denk wel dat het goedkomt. Toen ik mijn kostuum voor het eerst aantrok, voelde ik het meteen. Maar uiteindelijk ligt de verantwoordelijkheid bij de regisseur, want het was zijn keuze om mij te casten. (Lacht). Toen ik hoorde dat musicalproducent Deep Bridge deze musical ging doen, heb ik mijn stoute schoenen aangetrokken en hen zelf gecontacteerd. Toevallig hadden Stany (Crets, regisseur, nvdr.) en Floris (Devooght, regisseur, nvdr.) mij al in gedachten. Tja, dan groeit mijn zelfvertrouwen wel en waarschijnlijk ook mijn ego.” (Lacht)

Willy Wonka is een excentriek en eigenaardig personage. Hoeveel van Willy Wonka vind je in jezelf terug?

“Excentriek ben ik niet. Maar mensen zeggen wel vaak dat ze me niet kunnen doorgronden. Dat is wel een trekje dat ik gemeen heb met Willy. De ene keer is hij een lieve en attente man, zoals ik. En dan kan hij plots uit zijn slof schieten. Dat kan ik ook hebben, vooral in het verkeer. (Lacht). Voor mijn rol ga ik me wel meer baseren op de versie van Gene Wilder dan op die van Johnny Depp. Mét een vleugje Nordin natuurlijk.” (Lacht)

De musical heeft wel een serieus pak tekst. Hoe onthou je dit allemaal?

“Daar heb ik een ritueel voor. Ik neem mijn teksten mee en wandel van bij mij thuis tot aan het MAS en terug. Dat is een stevige wandeling, en onderweg studeer ik, continu. Dat werkt perfect. Op een gegeven moment deed ik drie musicals tegelijk waarin ik meerdere personages moest spelen. Er zaten toen acht rollen in mijn hoofd.”

Hoe hou je dat nog uit elkaar?

“Dat weet ik niet. Ik heb mezelf nooit de slimste gevonden, maar op sommige momenten denk ik toch dat ik nog niet zo slecht bezig ben.” (Lacht)

Nog een heel belangrijke vraag: lust je zelf chocolade?

“Veel te graag. Het is schandalig hoeveel ik daarvan eet. Vooral melkchocolade.” Kruip even in het hoofd van Willy Wonka. Welke chocoladesoort wil je uitvinden? “Sinds ik twee jaar ben, ben ik verslaafd aan appelmoes. Tijdens ‘40-45’ had ik in mijn loge een koelkast waarin standaard twee potten appelmoes stonden. Er zou maar eens stoofvlees of kip te eten zijn zonder appelmoes. Schandalig! (Lacht). Dus ik denk dat het niet slecht zou zijn om een chocoladereep uit te vinden met appelmoes in. Ik zou dat eens moeten uittesten. Nu niet met mijn idee gaan lopen hé!.” (Lacht)

We proberen een prototype te hebben tegen december. Veel succes met de musical, meneer Wonka.

Het interview met Nordin De Moor verscheen in het theatermagazine TheaterMag.